Nog enkele luttele uren en deze novembermaand zit er op. Niets te vroeg, als je ’t mij vraagt, want echt leuk waren de afgelopen weken niet, op enkele lichtpuntjes na dan. Wat er niet leuk aan was? De lange afwezigheid van mijn wederhelft die – weliswaar om hard te werken – de zomer opzocht Down Under, een knallende buikgriep die heel, maar dan werkelijk ook heel ons gezin in de greep had en nog altijd heeft, de onophoudelijke regen met een telkens weer ondergelopen carport tot gevolg, en zo kan ik nog even doorgaan. Maar… dan gaan we toch gewoon op zoek naar een lichtpuntje? En dat vond ik deze maand in de figuur van componist en fluitvirtuoos Franz Doppler. Niet alleen word ik telkens weer blij als ik de twee werken die ik van hem koos beluister en/of zelf speel, maar er is nog een andere reden waar ik jullie straks meer over vertel.
De gebroeders Doppler
Wie Franz Doppler zegt, zegt ook Carl Doppler, zijn 4 jaar jongere broer die net zoals hij fluitist en componist was. Franz Doppler was een Oostenrijks-Hongaars componist, geboren in 1821. Hij overleed op 62-jarige leeftijd in het Oostenrijkse Baden bei Wien. Hij ging de muziekgeschiedenis in als dirigent en fluitvirtuoos maar ook als componist.
Tot zijn tiende kreeg Franz fluitles van zijn vader, Joseph Doppler die zelf hoboïst was. Hij maakte zijn debuut als fluitist in 1834, op amper 13-jarige leeftijd. Met zijn broer Carl vormde hij een succesvol fluitduo en samen maakten ze furore in heel Europa. Later was hij als fluitist verbonden aan de Wiener Hofoper, waarvan hij uiteindelijk ook dirigent werd. De gebroeders Doppler bespeelden allebei een Tulou-fluit met slechts vier kleppen. Jean-Louis Tulou was een toonaangevend Frans fluitist en fluitbouwer, die zich zijn leven lang heeft afgezet tegen de nieuwere Böhm-fluit van de Duitser Theobald Böhm. Het Duitse instrument was voorzien van een veel uitgebreider kleppensysteem en is uiteindelijk ook de dwarsfluit geworden zoals we die vandaag kennen.
Tulou fluit (ca. 1852)

Böhm fluit (ca. 1850)
De componist Doppler
Franz Doppler schreef een aantal opera’s en balletten die destijds erg succesvol waren maar uiteindelijk in de vergeethoek zijn geraakt. Daarnaast verzorgde hij ook de orkestraties van zes van Franz Liszts Hongaarse Rapsodieën. Maar het bekendst werd Franz toch met zijn composities voor fluit waarvan ik er twee heb ingestudeerd.
Opus 25, Andante en Rondo voor 2 fluiten en piano
Hij schreef dit werk samen met zijn broer Carl als soort van “showpiece” om hun talent te etaleren op hun talrijke tournees. Het Andante laat een meeslepende en bij momenten dramatische melodie horen, waarin de harmonie zo groot is dat je de twee fluiten niet van elkaar kan onderscheiden. Het aansluitende Rondo is dan weer één en al ritme, met de ongedwongenheid en stuwkracht van een Hongaarse zigeunerdans. Een uitdagende brok muziek, maar o zo leuk om te spelen.
Opus 37, Duettino on American National Songs voor fluit, viool en piano
Met dit werk wilde Doppler eens iets nieuws proberen, en het resultaat kon destijds op heel wat bijval rekenen. Hij nam enkele populaire Amerikaanse volksliederen als uitgangspunt, en bewerkte ze voor fluit, viool en piano op de charmantst mogelijke manier. Onmogelijk om nors te blijven bij het horen van deze muziek, en al zeker niet bij het zelf spelen ervan! Daar is trouwens geen tijd voor want het is alle hens aan dek om alle nootjes gespeeld te krijgen.
Hét lichtpuntje dat deze sombere novembermaand goed maakte…
Ik vertelde het al in het begin van dit bericht dat deze voor mij ietwat minder geslaagde novembermaand onverwachts werd opgevrolijkt! Er is namelijk niets wat mij meer energie kan geven dan samen muziek te mogen maken met mensen die mij dierbaar zijn. Ik heb het grote geluk dat ik het eerste werk van Doppler mag samenspelen met Sabine Warnier (mijn leerkracht fluit/kamermuziek/mentor nummer één) en het tweede samen met violist Tim Breckpot (mijn leerkracht orkest/kamermuziek/mentor nummer twee). Maar.. voor beide stukken is er ook een pianist nodig en aangezien het onmogelijk is om voor alle werken die ik instudeer binnen de Academie van Blankenberge begeleid te worden, moest ik buitenshuis op zoek gaan. Echt ver moesten we niet zoeken natuurlijk, want het blijft binnen de familie… Dankjewel broer, om hier tijd voor te willen vrijmaken in je overvolle agenda, dit is het allermooiste verjaardagscadeau. En zo eindigt november letterlijk en figuurlijk op een positieve noot…
Tot de volgende! Dan laat ik jullie kennismaken met een overheerlijk trio voor fluit, cello en piano van een alweer zeer begenadigd componist! Wie? Dat lezen jullie over enkele weken…
Plaats een reactie